Belastingdienst speurt naar buitenlands vermogen. Tweede Huis is dankbaar object
Hebt u eindelijk een mooi stulpje op een lekker stekkie ergens op het Franse platteland gevonden, ligt er plotseling zo’n onheilspellende blauwe envelop op de mat. Of u kunt uitleggen waarom de Belastingdienst niets van het huis wist en of u ook onmiddellijk maar even uit de doeken wilt doen hoe u die prachtige aankoop hebt gefinancierd.
De Nederlandse fiscus maakt fel jacht op het tweede huis in het buitenland. Met het project buitenlands vermogen, dat oktober 2003 in werking trad, richt de Belastingdienst zich op spaargeld dat op bankrekeningen in den vreemde staat, op uitheemse beleggingen en op buitenlands onroerend goed. Dat laatste is tegenwoordig tamelijk eenvoudig te traceren. Op basis van Europese richtlijnen wisselen belastingdiensten uit de lidstaten informatie uit over het huizenbezit van buitenlanders. Die informatie betreft meestal notariële aktes.
Naar schatting tweehonderdduizend Nederlanders hebben een tweede huis in Frankrijk. Nog eens vele tienduizenden mensen hebben elders optrekjes, vooral in Zuid-Europa. De meeste eigenaren van huizen in het buitenland hebben niks te duchten van de actieve fiscus; ze hebben keurig hun plicht gedaan. Die bestaat er ten eerste uit dat ze hun buitenlandse bezit hebben aangegeven op het Nederlandse aangiftebiljet. Ten tweede betalen ze over dat bezit, zoals de belastingverdragen voorschrijven, in het betreffende buitenland eventueel vermogensbelasting – afhankelijk van de totale waarde van het huis en de rest van het bezit. Om dubbele belasting te voorkomen, wordt er vervolgens met de Nederlandse fiscus verrekend. Ergo: in Nederland betalen deze mensen geen belasting.
Te vrezen hebben slechts die belastingplichtigen die de fiscale autoriteiten, de Nederlandse en de buitenlandse, al dan niet opzettelijk in het ongewisse hebben gelaten over hun bezit. Echt problematisch wordt het als de financiering van het huis onduidelijk is en er mogelijk met zwart geld is betaald. Eigenaren lopen dan het risico door justitie te worden vervolgd. Of er volgen naheffingen met boetes die kunnen oplopen tot 100 procent van het na te heffen bedrag.
In Nederland wordt een boete opgelegd omdat er onjuist aangifte is gedaan en er eventueel zwart geld in het spel is, in het buitenland omdat de belastingplicht wordt ontdoken.
Inkeerregeling
Het opsporen van geld en bezit dat aan het zicht van de fiscus is onttrokken – daar draait het vooral om bij het project buitenlands vermogen. Sinds het begin heeft dat 100 miljoen euro aan naheffingsaanslagen en boetes opgeleverd, meldde de Belastingdienst januari jongstleden. Hoeveel daarvan afkomstig is van opgespoord onroerend goed, wil de Belastingdienst niet zeggen.
Zo’n 2.500 belastingplichtigen hebben na oktober 2003 vrijwillig informatie verstrekt over hun verzwegen buitenlandse vermogen. Via de zogeheten inkeerregeling krijgen mensen de mogelijkheid om 'hun aangiften over oude jaren te verbeteren’, zoals de Belastingdienst het noemt. Wie gebruik maakt van die regeling en nog niet bij de fiscus in het vizier was, ontloopt een boete.
De Belastingdienst claimt inmiddels volledig zicht te hebben op het Nederlandse huizenbezit in Frankrijk. Onder meer via tienduizenden notariële aktes met informatie over Nederlanders die Frans onroerend goed hebben gekocht of verkocht. Uit Spanje zouden enkele duizenden aktes zijn ontvangen. Met collega-diensten in Italië, Portugal en andere landen wordt over de uitlevering van informatie gesproken. Zij moeten de gegevens verzamelen. De samenwerking verloopt steeds beter en vlotter, bezweert de Belastingdienst. Niet per se omdat er Europese richtlijnen zijn of omdat buitenlandse belastingdiensten Nederland zo graag behulpzaam zijn. Die diensten hebben vooral een groot eigenbelang bij het achterhalen van woningen en ander vermogen van buitenlanders. Huizenbezitters zijn naast lokale heffingen als de onroerendezaakbelasting immers vermogensbelasting verschuldigd in het land waar dat vermogen is gestald. Zijn de gegevens eenmaal vergaard, is de eigen belastingkas gespekt, dan is het een kleine moeite voor bijvoorbeeld de Franse fiscus om de informatie naar Nederland te sturen.
Grote pakkans
Voor verreweg de meeste van de om en nabij tweehonderdduizend Nederlanders met een huis in Frankrijk zou het niet eens lonen om het huis voor de fiscus te verzwijgen. Althans, als ze er geen zwart geld in hebben gestoken. Pas bij een totaal vermogen van 728.000 euro moet in Frankrijk belasting worden betaald (0,55 procent). De allerrijksten (plus 15,5 miljoen euro) betalen 1,8 procent. De pakkans is bovendien groot. En daarmee het risico op boetes.
Bij de Nederlandse Belastingdienst staan naar verluidt inmiddels talloze dozen vol Franse aktes. Een deel ervan wordt elektronisch verwerkt en belandt in de centrale computer van de fiscus waarin alle gegevens van belastingplichtigen zijn opgeslagen. Die computer selecteert onder meer op inconsistenties en haalt de mensen die hun buitenlandse bezit niet hebben aangegeven er zo uit.
Dossiers die niet elektronisch worden verwerkt, komen terecht op de bureaus van de behandelende belastingambtenaren. Die zullen in vele gevallen met een druk op de knop van de computer ('taak 84’, zoals dat in jargon bij de fiscus heet) de aangiftes van de betrokken belastingplichtigen erbij halen.
Er is vrijwel geen ontkomen aan.
Bron: Elsevier
Wilt u meer informatie over het artikel " Inkeerregeling: talloze dozen vol koopaktes " of wilt u contact met ons opnemen?
Klik hier en laat het ons weten!
© 2004 Hypohome.nl is onderdeel van de Hypotheek & Assurantiegroep. All Rights Reserved.